Changed my mindset

Vandaag zijn we op The Mission Hill school geweest. Bij binnenkomst voelde ik me gelijk “thuis”. Gaandeweg de dag ontdekte ik door de klasbezoeken en gesprekken met de leerkrachten en de directie waardoor dit kwam. Deze school ligt qua werkwijze en visie het dichtste bij mijn praktijksituatie in vergelijking met de andere scholen die we tot nu hebben gezien. Om deze reden ben ik heel bewust gaan kijken wat hier dan exact anders gaat en hoe het team handelt. Voor mij stond hierbij gedurende de dag één woord centraal: mindset.

 

Dit woord is voor mij centraal gaan staan na het gesprek met de directrice aan het begin van de ochtend, waarin wij onze vragen mochten stellen. Naar aanleiding hiervan zei ze op een gegeven moment: “you have to change your mindset”, “thats what all off you teachers have to do”. Met deze gedachten ben ik de klassen gaan bezoeken en met de leerkrachten in gesprek gegaan om meer te achterhalen waarom handelen zij zoals zij handelen? Welke gedachtegang is aan hun handelen vooraf gegaan? Dit gaf mij een aantal mooie eyeopeners van hoe het ook kan!

 

Om een voorbeeld te geven; een puber jongen (jaar of 14) zat onderuit gezakt met zijn broek hangend op zijn knieën en zijn koptelefoon op. Wij verbaasde ons dat de leerkracht hier niks van zei. In een gesprek na afloop gaf hij ons aan dat hij hier al meerdere keren een gesprek met de betreffende jongen over had gehad, waarin hij heeft aangegeven dat hij dit niet prettig vindt om te zien en waarin zij samen tot punten gekomen zijn waarom hij dit wellicht moet veranderen (bijvoorbeeld om vertoonbaar op zijn stage te verschijnen). De leerkracht gaf hierbij aan dat hij dit soort gesprekken blijft voeren totdat de jongen er zelf mee stopt (creation from ownership), maar dat hij er bewust voor kiest om hem dit niet te verbieden, aangezien de jongen anders steeds verdere grenzen gaat opzoeken en hij dan met hem in een strijd beland. Hij kiest er hierdoor bewust voor om de verantwoordelijkheid bij de jongen te leggen en hem eigenaar te maken van dit proces. Dit was voor mij een mindset van ojaaa dit is een andere manier van benaderen die ook mogelijk is!

 

Een ander voorbeeld; leerlingen komen om beurten voorlezen bij de leerkracht (begin groep 3 niveau). Een jongen leest totaal niet de zin, maar gokt wat er staat door naar het plaatje te kijken. In plaats van dat de leerkracht verbetert of dergelijke, vroeg ze door of hij haar nog zo’n mooi stuk wilde voorlezen, want ze was nieuwsgierig geworden naar hoe het verhaal verder verliep. Na afloop vertelde de leerkracht dat ze het veel essentiëler vindt om het kind te stimuleren dat hij van boeken gaat houden i.p.v. dat hij dat zinnetje goed leest. “Hij was gewoon nog niet aan lezen toe, maar houdt hij van boeken dan komt het lezen vanzelf en vaak zelfs nog in versneld proces”. Het doel ‘leren lezen’ wordt hierdoor voor hem gewoon even uitgesteld. Ook dit was een momentje van ojaa, zo kunnen wij natuurlijk ook denken i.p.v. hij moet kunnen lezen want dat is het doel en daarop wordt hij getoetst!

 

Nog een voorbeeld van mindset; hier in Amerika draaien “special needs kids” gewoon mee met een reguliere klas, met hulp van een persoonlijke begeleider. Onze Amerikaanse collega’s zijn unaniem met elkaar eens dat het kind op deze manier het meeste leert i.p.v. in een speciale school. De reden die zij hiervoor aandroegen is dat de samenleving ook niet gesplitst kan worden en de leerlingen zo mooie dingen van elkaar kunnen leren (zoals omgaan met verschillen, elkaar helpen). Vandaar dat de special needs leraren naar hun toe komen i.p.v. dat de kinderen naar een andere school gaan. Helaas is onderwijssysteem heel anders ingericht, waardoor het een hele grote stap zal zijn om dit op deze wijze te gaan veranderen, maar als wij in Nederland allemaal volgens deze manier gaan denken (dus een mindset), is er geld over om het ook zodanig te gaan organiseren. En wordt het op de wijze georganiseerd zoals ik hier in Amerika heb gezien, dan ben ik het absoluut met mijn Amerikaanse collega’s eens dat dit zeer waardevol is voor alle soorten leerlingen met het oog op hun toekomst!!!

 

Tot slot het laatste voorbeeld m.b.t. mindset; één van de leerkrachten zei heel mooi; richt je niet alleen op het lezen en rekenen en die doelen die daarbij behaald moeten worden, maar doe vooral ook veel andere activiteiten zoals techniek, muziek en kunst of integreer deze vakken door middel van thematisch werken. De hersenen worden hierdoor geprikkeld om verder tot algemene ontwikkeling te komen. Is het rekendoel bijvoorbeeld niet in de rekenles behaald, geen ramp. Ga één van de bovenstaande activiteiten doen en wellicht wordt het doel dan in de volgende rekenles wel behaald of anders in de keer daarop. Door het doen van de andere activiteiten verwerven ze namelijk steeds meer inzichten, die er samen voor zorgen dat de leerling de volgende keer wellicht ineens de doelstelling van de voorgaande rekenles inziet. Een verlengde instructie of extra inoefenen is hierdoor niet altijd nodig. Ook dit bracht mij een moment van mindset in de vorm van ‘ja, zo kunnen we ook denken en handelen!’.

Inspiratie, ervaringen en inzichten

De afgelopen 2 dagen zijn we op The Neigborhood school geweest. Gisteren stond weer in het teken van klassen bezoeken en gesprekken voeren met leerkrachten, het directieteam, ouders en leerlingen. Gedurende deze dag ben ik op zoek gegaan naar diepgang. Om deze reden heb ik er bewust voor gekozen om gisteren meer in één groep te blijven kijken om een beter beeld te krijgen van de werkwijze. Wat me opviel is dat de materie erg klassikaal werd aangeboden. Iedereen volgt de gehele instructie en maakt dezelfde soort opdracht, maar toch wordt hierin gedifferentieerd, wat ik de eerste dag niet heb gezien! De differentiatie lag meer in het “les is more” d.m.v. verwerkingssnelheid. Leerlingen die snel klaar waren, kregen meer werkbladen, leerlingen die wat minder snel waren hadden aan het einde van de werktijd gewoon minder werkbladen gemaakt, maar wel aan hetzelfde doel gewerkt! Daarnaast kregen snelle lezers ander soort boeken en meer bladzijden dan de minder snelle lezers. Ook mochten de leerlingen zelf kiezen wat ze wilde lezen; ‘chapter-books’ of poëzie. De komende dagen hoop ik nog meer vormen van differentiatie te ontdekken, om zodoende meer inspiratie op te doen op welke wijze ik nog meer kan differentiëren in mijn eigen groep volgens CES-principes.

 

Vandaag stond in het teken van het nog meer ontdekken van wie ik wil zijn als leerkracht door zelf te ervaren hoe project-time is. Het woord wat gedurende deze dag centraal zou zijn was ‘autoriteit’. Dit had voor mijn gevoel meteen een negatieve lading, totdat onze Amerikaanse collega’s gedurende de project-time de autoriteit verlegde naar ons als ‘leerlingen’. In eerste instantie wisten we namelijk niet goed wat we met de opdracht moesten doen, totdat benoemd werd dat er maar één regel was; ‘ga op ontdekking uit!’. Hierdoor werd onze creativiteit gestimuleerd en de onderzoekende houding, waardoor er verschillende producten ontstonden, maar we eigenaar zijn geworden van het proces dat we allemaal persoonlijk hebben doorlopen. Het woord autoriteit had hierdoor voor mij ineens een heel andere betekenis gekregen in de positieve zin, aangezien diversiteit en differentiatie (waar ik naar op zoek was!) hierdoor werd gestimuleerd! Tevens hebben we door deze project-time ervaring, ervaren wat de leerlingen voelen en denken. Door met onze Amerikaanse collega’s hierover te spreken, heb ik mooie nieuwe inzichten verworven in hoe je deze gevoelens en gedachten van de leerlingen als leerkracht kan begeleiden.

 

Tot slot word ik me steeds bewuster van het feit dat de samenhorigheid en verbondenheid overal heel zichtbaar te zien en te voelen is! Dit is niet alleen zo op de scholen, maar valt ook in het algemeen op in New York, als je bijvoorbeeld op straat loopt. Het gevoel van ‘community’ leeft hier echt! Dit vind ik mooi om te zien, waardoor de spontane ‘community sing’, waar we vanochtend in belanden op The Neigborhood school, me ook echt raakte. Dit doordat ik hier heel bewust over na ben gaan denken, wat dit met mij deed. Het geeft mij dan ook echt een gevoel van er mogen zijn en erbij horen! Hier kunnen wij in Nederland (denk ik persoonlijk) nog wat van leren door wat meer respectvol en behulpzaam ten opzichte van elkaar te zijn, want geef toe; iedereen zal zich hierdoor een gelukkiger mens voelen! Voor mij als leerkracht betekent dit dat ik dit gevoel van verbondenheid en samenhorigheid nog meer wil nastreven in mijn groep, door het respectvolle en de behulpzaamheid, nog meer dan wat ik al doe, te stimuleren bij mijn leerlingen. Dit in de hoop dat ze dezelfde mooie ervaring gaan opdoen, als wat ik de afgelopen dagen hier in New York heb gevoeld!

 

Op naar Boston, voor nog meer mooie inspiraties, ervaringen en inzichten, om mee te nemen naar ons kleine kikkerlandje!20171025_085253

De eerste indrukken; Castle Bridge

Vandaag was het dan eindelijk zo ver! Het eerste schoolbezoek bij de Castle Bridge school!

 

Na registratie mochten we gelijk deelnemen aan een half uur durende community sing. Dit wordt iedere maandagochtend gedaan in het teken van verbondenheid. Alle leerlingen, leerkrachten en ouders die aanwezig kunnen/willen zijn, zingen gezamenlijk Engelstalige en Spaanstalige liederen. Dit aangezien een groot deel van de populatie van de school Spaanstalig wordt opgevoed en de school om deze reden ook tweetalig onderwijs aanbied. Soms voor de middag de ene taal, na de middag de andere, soms een hele dag de ene taal en de volgende dag de andere taal. Bij binnenkomst wordt op de deur al aangegeven d.m.v. welke taal ze gaan communiceren.

 

Na een korte rondleiding, was het eindelijk zo ver voor de klasbezoeken. Vol nieuwsgierigheid ben ik vooral de onderbouw en middenbouw groepen in gegaan, benieuwd naar wat ik allemaal zou gaan zien! Wat me gelijk opviel is dat in alle klassen gewerkt wordt met hoeken, er bijna alleen maar open kasten zijn en er erg veel los materiaal is. Ook zijn dieren en dierlijke materialen veel aanwezig in de groepen. Daarnaast viel het me op dat er bijna geen schriften aanwezig zijn. De leerlingen maken de verwerking op een werkblad wat vervolgens in een persoonlijke map gaat, die aan het einde van het jaar mee naar huis mag (een soort portfolio dus).

 

Gedurende de instructies zaten alle leerlingen op de grond, bankjes of aangeschoven stoelen in één hoek. D.m.v. een whiteboard en heel veel non-verbale communicatie en verbeelding legden de leerkrachten de materie uit. Hier kon ik mezelf wel in herkennen. Een digibord is in vele lokalen niet eens aanwezig. N.a.v. een gesprek met een van de leerkrachten bleek dat het team van de school hier bewust zo min mogelijk mee werkt, aangezien de leerlingen al genoeg met ICT middelen in aanmerkingen komen buiten school. In plaats daarvan maken zij veel gebruik van kunst en muziek die zorgen voor verbinding met elkaar en verbinding van de vakgebieden.

Verder viel het me op dat tijdens de instructies de leerlingen actief betrokken werden d.m.v. wisbordjes. Dit was leuk om te zien, aangezien dit precies is wat wij op de Teugelaar ook doen, maar dan vanuit het EDI!

 

Wat me opviel bij de reken- en taalles was dat het niveau (voor de leeftijdsgroep) vrij laag lag in vergelijking met onze kerndoelen voor dezelfde leerjaren. Tevens werden de doelen ook niet benoemd en waren ze niet zichtbaar aanwezig. Hierdoor heb ik me diverse keren afgevraagd waarom de leerlingen de betreffende activiteit gingen doen. De leerlingen gaven in gesprek ook een aantal keer aan ‘because the teacher said that’. Dit heb ik persoonlijk als een gemis ervaren! Ook de ‘project-time’ vond ik van laag niveau voor de leeftijdsgroepen. ‘Project-time’ zijn keuze activiteiten, die ze minimaal 1 keer per dag 45 minuten doen. Dit om het ontdekkend leren te stimuleren. In het project-time zag ik mijn dagelijks 15 minuten inloop erg terug, met als enige verschil dat ik het niveau van de activiteiten hoger leg, waardoor er naar mijn mening ook meer uitdaging is.

Bij de project-time mochten de leerlingen een activiteit kiezen als hun naam getrokken werd. Ook dit zie ik op de Teugelaar in alle groepen al terug d.m.v. het EDI waarmee we werken en de ‘beurtenbak-stokjes’ die hierbij horen. Dit was dus ook een leuke herkenning!

 

De dag werd afgesloten met de leerlingen d.m.v. reflecterende vragen in de zin van ‘wat vond je leuk vandaag’, ‘wat heb je geleerd vandaag’ en ‘waar ben je vandaag niet aan toe gekomen en wil je morgen meer tijd voor’. Dit vond ik mooi om te zien en tevens inspirerend, aangezien ik iedere dag wel reflecteer met mijn leerlingen over het verloop van de dag en met welk gevoel ze naar huis gaan, maar door de ervaring van vandaag heb ik reflectievragen aangereikt gekregen om ook vanuit andere perspectieven met ze te reflecteren. Dit zie ik als iets waardevols dat ik zeker mee ga nemen!

Kortom, deze dag heb ik vooral heel veel indrukken opgedaan! Eyeopeners, maar ook een aantal momenten van herkenning!

 

Even kort samengevat;

De inspiraties die ik vandaag o.a. heb opgedaan zijn:

  • Kunst en muziek gebruiken als middel om tot verbinding met elkaar te komen en vakgebieden met elkaar te laten verbinden / integreren.
  • Leerlingen laten presenteren over wat ze hebben geleerd / gedaan tijdens de verwerking en hoe ze dat proces hebben doorlopen.
  • Leerkrachten die zich kwetsbaar opstellen (“dit is mijn fout; hier zijn jullie als leerlingen niet verantwoordelijk voor. Ik zorg dat het opgelost word.”).
  • Flexibele werkplekken en een activerende instructie gezamenlijk op de grond met wisbordjes.

Hetgeen wat ik me o.a. nog afvraag en wat ik de komende dagen beter wil bekijken;

  • Hoe wordt differentiatie ingezet? Verrijking, maar ook verlengde instructie. Dit zag ik vandaag niet terug.
  • Hoe zorgen ze voor meer diepgang en uitdaging in de activiteiten en met welk doel doen ze bepaalde activiteiten? Ook dit heb ik vandaag helaas nog niet ontdekt.
  • Hoe wordt het onderwijs in Amerika gefinancierd, als het mogelijk is dat in iedere groep van +/- 14 leerlingen 2 leerkrachten en 1 onderwijsassistent fulltime aanwezig zijn en er voor kunst en muziek aparte vakleerkrachten zijn?
  • Worden er vanuit de overheid geen specifieke kerndoelen per leerjaar gesteld? En zo wel, hoe toetsen zij of deze behaald worden?

Nog zoveel vragen…

Nog even en dan is het zo ver… Over ruim een maand gaan we dan eindelijk naar Amerika. Hopelijk is daarna mijn grote nieuwsgierigheid gekoesterd, zijn mijn vragen beantwoorden en voor mij nog veel belangrijker; kan/durf ik mijn manier van onderwijs geven dusdanig te veranderen!

Na het zien van alle veranderingen die inmiddels enkele bovenbouw leerkrachten hebben doorgevoerd, ben ik namelijk ontzettend nieuwsgierig geworden hoe ik dit in de onderbouw kan realiseren. Dit aangezien er naar mijn mening voornamelijk op het gebied van zelfstandigheid en zelfredzaamheid toch wel een groot verschil zit tussen een groep 8 leerling of een groep 3 leerling. Hoe ga ik dan al die veranderingen die mijn collega’s in de bovenbouw al hebben toegepast, doorzetten in de onderbouw? Hierbij heb ik het over het werken met flexibele werkplekken (zitzakken, een groot vloerkleed, statafels, een stilte ruimte en enkele tafels en stoelen). Het geven van een instructie zonder digibord, waarbij de leerlingen met zijn allen op het grote vloerkleed zitten/liggen en ook nog eens van elkaar af blijven, opletten en meedoen? Iets wat op dit moment met mijn groep 3 (ben ik bang) zou uitlopen op een fiasco.. Daarmee kom ik meteen bij het volgende; durven los laten! Waarbij en hoe kan ik ze eerder/sneller los laten? Dit aangezien ik sta voor eigenaarschap van leerlingen bij hun onderwijs en onderwijs op maat. Kortom, dus ook hoe ik kan al vanaf begin groep 3 meer differentiatie bieden? Dit aangezien ik merk dat ik ze momenteel nog zo bij het handje mee moet nemen. “Hoe moet ik werken in een schriftje, hoe kan ik begrijpen wat de bedoeling is van de opdracht, hoe moet ik mijn potlood vasthouden” etc. etc. etc. Logisch, maar dan kom ik toch weer even terug op het verschil in zelfstandigheid en zelfredzaamheid, wat mijn collega’s in de bovenbouw niet meer hoeven uit te leggen aan hun leerlingen. Al met al ben ik dus heel benieuwd hoe ik al die veranderingen, die zij inmiddels hebben doorgevoerd, kan toepassen in de onderbouw, hoe jong de kinderen ook zijn, zodat we over een aanzienlijke tijd als school één doorgaande lijn hebben, gebaseerd op de CES-principes.

Ik ben erg benieuwd, dus; America here I come!

Leren zonder boeken

Mijn hoofd loopt over van ideeën om mijn lokaal te veranderen. Maar niet alleen mijn lokaal moet worden veranderd, ook mijn manier van denken en handelen in de klas.

Voor een rekenles pak ik de methode erbij, hetzelfde doe ik voor taal, spelling, begrijpend lezen en ga zo maar door.

Als ik hier in een klaslokaal kijk, vind ik nergens een boek. De leerlijn is bekend bij de leerkracht en met die doelen in het achterhoofd worden de lessen gegeven. 

Als dat hier kan, moet dat in mijn klas ook kunnen. Maar wat heb ik daarvoor nodig? 

Ik moet de leerlijnen duidelijk voor ogen hebben en welke doelen ik per periode wil bereiken. Hierop moet ik mijn lessen aanpassen. Niet alles hoeft zonder boek, maar veel doelen kunnen betekenisvol gemaakt worden. Kinderen zullen hierdoor meer plezier krijgen in het leren. 

Klinkt als een win-win situatie. Dinsdag gelijk mee beginnen!

Verwacht niet iets van je leerlingen wat je zelf ook niet zou kunnen

Dag 3 alweer. Vandaag helaas maar een halve dag rond kunnen kijken bij Castle Bridge. Veel dingen zien gebeuren en nog meer vragen die daardoor bij me op kwamen. Leerkrachten laten kinderen zelf een keuze maken over hoe en waar ze gaan zitten in de klas. Bijna constant lopen er kinderen rond en zoeken kinderen een andere plek om te gaan zitten. Ik heb daar last van, daarom zou je dit in mijn klas nooit zien. Maar gaat het in mijn klas om mij? Nee! Het gaat om de kinderen. Hebben deze kinderen daar last van? Blijkbaar niet, ze werken gewoon door en zijn actief bij de les betrokken. 

Kan ik mezelf concentreren als ik van half 9 tot half 3 achter mijn bureau zit en 2x per dag een kwartiertje mag bewegen? Nee! Waarom verlang ik dit dan wel van mijn leerlingen? In mijn hoofd zitten een heleboel vragen, maar ook zeker ideeën over hoe ik dit in mijn klas kan veranderen. 

Durven loslaten, denken in mogelijkheden

Vanmorgen opgestaan en geprobeerd om alle indrukken van gisteren even te laten voor wat het is. Vandaag stond een bezoek aan ‘The Neighborhood School’ op de planning. Weer zoveel nieuwe indrukken en nog meer ideeën die ik in de klas zou willen toepassen.
Maar zoals ik gisteren al schreef, daarvoor moet de knop om. Dingen loslaten en denken in mogelijkheden. 

Dus bij deze…

Wat ik los ga laten: 

– denken dat iets niet anders kan, omdat ik alleen voor de klas sta.

– denken dat iets niet anders kan, omdat ik de ruimte niet heb.

– denken dat iets niet anders kan, omdat collega’s het anders doen.

– excuses zoeken om niets te hoeven veranderen.

Hoe ik ga denken in mogelijkheden:

– kan ik mijn klaslokaal anders/beter inrichten?

– kan ik anders omgaan met/reageren op vragen van kinderen?

– kan ik de kinderen meer eigenaar maken van hun leerproces?

– kan ik het idee van Projecttime toepassen in mijn klas?

Dit laatste rijtje zal de komende dagen vast nog langer worden, maar het begin is er. Ik kijk uit naar het bezoek van morgen!